Foie gras en kinderen Jehova Getuigen

Foie gras en kinderen Jehova Getuigen (JG). Vreemde titel voor een artikel op deze website? Vind ik ook wel, maar ik moest er toch aan denken toen ik gevraagd werd de onderstaande ervaring van een 16-jarige te plaatsen. Het beeld van een gans, dat als willoos slachtoffer in een klein kooitje, bij de keel gepakt wordt om daarna onder dwang in hoog tempo een vieze brij in te nemen, laat mij niet los.

Foie gras en kinderen Jehova GetuigenHet illustreert voor mij wat er gebeurt als JG-ouders hun kinderen proberen vol te proppen met de smakeloze brij aan wachttoren-indoctrinatie. Het is niet om aan te zien. Een vorm van marteling. Zo willen we toch niet omgaan met dieren en ook niet met mensen, laat staan met kinderen?

Foie gras en kinderen Jehova Getuigen

Bij kinderen van Jehovah’s Getuigen gebeurt in overdrachtelijke zin ook zo iets. De “oogst” is dan de doop, en daarmee het lidmaatschap van een menselijke organisatie. Die doet zich vervolgens tegoed aan de opbrengst. De “vette lever” wordt geconsumeerd. Oftewel: het nieuwe lid van de organisatie van Jehovah’s Getuigen wordt schaamteloos uitgebuit door de “vetmesters”. Er wordt compleet beslag gelegd op tijd, geld en goederen. Ten faveure voor mensen die andere mensen ten onrechte laten denken dat de Ware God achter dit alles steekt. Zij eten smakelijk en vooral schaamteloos van de foie gras. Niemand die stilstaat bij het geweld dat de gans aangedaan is. Niemand die er over nadenkt dat de vetgemeste gans dood is.

Want overdrachtelijk heeft de mens die Jehovah Getuige wordt wel degelijk zijn eigen leven verloren. Hij of zij kan niet meer echt zijn wie men is. Gehoorzaamheid – onderworpen zijn – aan het besturend lichaam van het wachttorengenootschap is voor een gedoopt lid van de organisatie namelijk het belangrijkste geworden. Het eigen leven, het eigen denken, doen en laten, is volledig ondergeschikt. Vergeet dit alstublieft niet als u mogelijk belangstelling hebt voor het lidmaatschap van deze “foie-gras-boerderij”.

Verlost worden van de verstikkende wurggreep

De onderstaande ervaring van een 16-jarige laat heel goed zien dat het dagelijks proberen vol te proppen met wat het wachttorengenootschap allemaal aan onzin leert, voor velen niet werkt. Het werkt alleen maar contraproductief. Veel jongeren stappen uit de organisatie op het moment dat ze kunnen. Logischerwijs willen ze, zodra dit kan, verlost worden van de verstikkende wurggreep en het door de strot duwen van allerlei leringen, regels, wetten en do’s en dont’s. Wie zou dat niet willen? Helaas betekent dit ook vaak dat ze de interesse voor dé Waarheid, die wij kennen als Here (Jehovah) Jezus Christus, verloren hebben. Een leven uit Zijn Genade is hen dan onbekend.

De hersenspoeling en manipulatie van opgroeiende kinderen is net zo misdadig als het “foie-gras-vetmesten” van een onschuldig dier. Toch wordt het laatste nog steeds gedaan. Er blijft namelijk vraag naar foie gras. De groteske indoctrinatie vanuit het wachttorengenootschap houdt ook onverminderd aan. Het lijkt er niet bepaald op dat het WTG dit gaat stoppen. Dus geldt temeer onze oproep: Pas op voor de organisatie van Jehovah’s Getuigen! Pas op dat kinderen geen slachtoffer worden en als “vette ganzen” gezien worden.


LILOO vertelt

Mijn verhaal begint eigenlijk al van kleins af aan. Mijn moeder is een getuige van Jehova maar mijn vader niet. Mijn vader is vaak weg door zijn werk waardoor mijn moeder mij eigenlijk altijd meenam naar hun vergaderingen. Wanneer ik ongeveer een 5 jaar was, begon het tijd te worden om te studeren, dat klonk goed in hun oren alleszins. Vanaf dan deed ik de ‘bijbelstudie’ die werden gegeven door 2 personen die mijn moeder had uitgekozen. Elke week een bijbelstudie of 2. Toen mijn moeder langer en vaker moest gaan werken moest ze iemand vinden om op mij te letten, bij papa ging niet want hij werkte ook. Mijn moeder had niet eens iets gevraagd aan mijn opa en oma of zij konden, want normaal blijf ik bij hun. In plaats van dat had ze het perfecte idee om mij bij 1 van de personen te brengen die met mij bijbelstudie deed.

Dit was voor ongeveer een 2 tal weken, het was dan ook een vakantieperiode. Die 2 weken waren de ergste dat ik toen had. Elke dag moest ik studeren over Jehova. 2-3 uur aan een stuk, van die persoon. Ik vroeg vaak om een spel te spelen, maar het antwoord was altijd: “Na de studie mag je spelen, niets is belangrijker als studeren”. Sindsdien heb ik een hekel gehad om ‘te studeren’ voor de getuigen. Maar nog steeds werd ik verplicht om te studeren elke week. Ik had er nooit zin in. Dan waren we van congregatie veranderd en had ik 2 jaar geen studie, dat was echt een geluk voor mij, maar dit geluk bleef niet lang. Dan ging mijn moeder mij de bijbelstudie geven. Elke week en in de avond een tekst over Jehovah lezen!

Dan kom ik in het middelbaar, je weet wel je krijgt taken en testen je moet sowieso al veel studeren voor school, maar alsof dat niet genoeg is, moest ik ook nog studeren over Jehovah! Wat is dit? Een extra bijschool? Dit bleef altijd in mijn hoofd, het was gewoon een extra school of je nu wou of niet, je moest studeren. En dan kreeg ik ook altijd op mijn kop dat ik foute vrienden had want ze waren geen getuigen van Jehovah! Ik bleef mijn vrienden behouden, waardoor mijn moeder zeer teleurgesteld in mij was en elke avond kreeg ik een hele uitleg wat daar slecht aan was.

Wanneer ik ongeveer in het 3e jaar van middelbare school was (leeftijd van 14) kregen we andere personen waar ik mijn studie mee moest doen. Tegen mijn wil ELKE woensdagnamiddag. Dit was normaal de dag dat ik na school naar opa en oma ging, de enige dag dat kon (elke andere dag ging niet omdat ik een uur op de bus moet zitten om naar huis te gaan en daarna nog studeren). Veel zin had ik er nooit in. Als we dan de studie deden en ik stelde een vraag antwoordde ze er nooit zelf op. Ze gingen altijd opzoeken in een wachttoren. Sindsdien is het mij echt opgevallen en kwamen er verschillende vragen in mij op. Wisten ze het zelf? Waarom antwoorden ze gewoon niet? Hebben ze een eigen mening?

Dan kwam er ook nog een grote druk op mij: verder studeren in hoge school (mijn droom): MAG NIET! Een lief buiten het geloof: NEE! Maar ik moest van mijn moeder een pionier worden en mij laten batizeren! (dopen, red.) Daar ben ik niet klaar voor en dat wil ik niet.

Dan het jaar 2020: Ik heb nu 16 jaar, groot genoeg om mijn eigen beslissingen te nemen denk ik toch? Nee, ik mag niet uit het geloof. Sinds oktober ben ik ook samen met iemand, maar ik heb niet tegen mijn moeder gezegd want ze zou dat niet accepteren (mijn lief weet ook alles wat er gebeurd is). Een tijdje terug heeft mijn moeder mijn gsm afgepakt en gewoon al mijn berichten gelezen die ik had. Ze wou mij verbieden om mijn lief te zien. Waar is mijn mening? Waar is mijn vrijheid? Waar is mijn kindertijd?

Gelukkig ben ik nu samen met mijn lief. Maar als ik niet meer naar de congregaties ga of luister nu vooral en geen studie meer doe, gaat ze het verbieden. Dat waren haar woorden. Soms weet ik niet wat te doen! Gelukkig kan ik nog wel blijdschap vinden bij mijn lief.

Mijn doel voor wanneer ik 18 ben? Zorgen dat ik op mijn poten kan staan en het huis verlaten! Zelfs al zou het betekenen dat mijn moeder niets meer met mij te maken mag hebben, maar in dit soort gevangenschap kan ik niet blijven.

LILOO

(Pseudoniem; de naam is bekend bij de redactie van deze website)


Foie gras en kinderen Jehova Getuigen

Foie gras en kinderen Jehova Getuigen

Geef een reactie

Translate »