Zijn zij echt getuige van Jehova?

Getuige Wat betekent het woord getuige? Dat is een logische vraag, omdat de organisatie van Jehovah’s Getuigen – het wachttorengenootschap (WTG) – stelt dat de Jehovah’s Getuigen (JG) in deze tijd exclusief de getuigen van de Ware God zijn. Geen andere groep komt voor die taak in aanmerking, vindt de organisatie.

Spreken of vertellen over

Het WTG verklaart het woord “getuige” in de zin van “spreken over”, “vertellen van”, een soort woordvoerder zijn. Men stelt zich op het standpunt dat hun prediking van deur tot deur, hun lectuur en meer, getuigen van God, die zij kennen onder alleen de Naam Jehovah. Men stelt dat het wachttorengenootschap en de Jehovah’s Getuigen door God zijn aangesteld om van Hem te getuigen, oftewel te spreken. Daarvoor gebruikt men enerzijds een paar bijbelteksten en anderzijds heel wat Schriftgedeelten juist niet.

De individuele Jehova Getuige denkt daarom dat hij of zij vanuit God Zelf de taak opgelegd heeft gekregen om te “getuigen”, om te spreken en vooral lectuur te verspreiden, die uitgegeven wordt door het WTG. Ik kwam het onlangs weer tegen in de reportage van Omroep Friesland met Desiree Westerhof. Titel: “Lûk duikt de wereld van de Jehova’s getuigen in“. Desiree zegt (± 1.45 min.): “Jehovah is de naam van God en daar getuigen wij van“. Ze bedoelt dat zij en haar geloofsgenoten dit verkondigen. In die zin wordt dus “getuige” en “getuigen” door de JG gebruikt.

Een getuige is pas een getuige als hij er zelf bij geweest is of het gezien heeft

Volgens Van Dale is de eerste betekenis van het woord getuige: “Iemand die op verzoek of toevallig aanwezig is of was bij een gebeurtenis“. Wikipedia zegt: “… getuige is iemand die een bepaald feit heeft gezien of meegemaakt“. Wij kennen het woord getuige of getuigen uiteraard uit de rechtspraak, bij bijvoorbeeld verkeersongevallen of aanrijdingen en natuurlijk bij het sluiten van een huwelijk. De getuige of getuigen daarbij worden allemaal geacht het e.e.a. zelf te constateren of geconstateerd te hebben. Dat is nog steeds de hoofdbetekenis van het woord.

Getuige of getuigen in de Bijbel

Belangrijker vind ik waar in de Bijbel de woorden “getuige” of “getuigen” voorkomen en wat daaruit te leren valt. Dat kan heel eenvoudig met de zoekfunctie in een bijbelprogramma. In dit geval de Statenvertaling via de website statenvertaling.net.

Teksten met het woord “getuige” in het Oude Testament. Er zijn 37 verzen waar dit woord in voor komt. In verreweg de meeste gevallen is het direct duidelijk dat het gaat over het zien of meemaken van bepaalde feiten.

Teksten met het woord “getuigen” in het Oude Testament. Er zijn 30 verzen waar dit woord in voor komt. Ook nu weer is het in verreweg de meeste gevallen direct duidelijk dat het gaat over het zien of meemaken van bepaalde feiten.

Jesaja 43 : 10 Gijlieden zijt Mijn getuigen

Het WTG gebruikt vooral Jesaja 43 : 10 om te laten weten dat de hedendaagse Jehovah’s Getuigen aangesteld zijn tot Zijn getuigen, in de zin van “vertellen van” of “spreken over”. Daar staat:

Gijlieden zijt Mijn getuigen, spreekt de HEERE, en Mijn knecht, dien Ik uitverkoren heb; opdat gij het weet, en Mij gelooft, en verstaat, dat Ik Dezelve ben, dat voor Mij geen God geformeerd is, en na Mij geen zijn zal.

Het WTG weet heel goed dat deze woorden gesproken werden tot het letterlijke volk Israël. Dat was als verbondsvolk, als knecht, inderdaad “aan den lijve” getuige was van Gods handelen. Maar toch past men het in dezelfde alinea toe op henzelf in de 20-ste eeuw.  Men zegt o.a.: “In dezelfde zin hebben Jehovah’s hedendaagse Getuigen het voorrecht Jehovah’s naam op heel de aarde bekend te maken.” Ineens is de echte betekenis van de tekst weg. Jehovah sprak tot Zijn volk Israël, dat ze getuigen zouden zijn van…, in de zin dat ze Zijn handelen zouden meemaken om er vervolgens van te getuigen, maar dus wel in die volgorde. Uiteraard gaat het hier niet om een toepassing op een groep uit de 20-ste eeuw.

Wachttorengenootschap stelt zich in de plaats van Israël

Kort gezegd komt het er op neer dat God in het Oude Testament het volk Israël (eerst de 12 stammen, later 2 stammen) aanstelde als Zijn Knecht. Dit verbondsvolk zou de Naam van God en Zijn daden meemaken en vervolgens verkondigen. Aangezien het WTG niet gelooft dat het letterlijke volk Israël (de 12 stammen) straks weer tot hoofd der volkeren aangesteld zal worden, conform vele profetieën in de Bijbel, heeft men zichzelf maar op die plaats neergezet, inclusief het Getuige van Jehovah zijn. Het wachttorengenootschap stelt zich in de plaats van Israël. Men neemt een positie in die hen niet toekomt. Daarmee misbruikt men Zijn Naam. God heeft het WTG nooit aangesteld of opgeroepen Zijn getuigen te zijn en zal dat ook nooit doen.

Wij leven in de tijd dat Israël niet Gods volk is

Geheel in overeenstemming met de Schrift laten we “Israël” even buiten beeld. We leven namelijk in de tijd dat Israël niet Gods volk is (lo-ammi; Hosea 1 en 2). In deze tijd, vanaf de opstanding van de Here Jezus en Zijn aanstelling tot Christus (Handelingen 2 en 13), werkt Hij in het verborgene aan Zijn Gemeente in Christus. Een ieder die in Hem gelooft, wordt daaraan toegevoegd en is behouden. Nergens leert de Bijbel dat de beloften aan Israël in de 20-ste eeuw over gegaan zijn naar de organisatie van Jehovah’s Getuigen. Jezus zei: “Ik ben de Weg, en de Waarheid, en het Leven.” Meer, of iets anders, is niet nodig.

In deze tijd (Indien gij maar gehoord hebt van de bedeling der genade Gods, die mij gegeven is aan u; Efeze 3 : 2) speelt het letterlijke Israël dus geen rol in Gods Plan. Het is derhalve onterecht dat het WTG het “getuigen zijn”, uitgesproken tegenover Israël in het Oude Testament, op zichzelf toepast in de tijdsperiode dat God juist níet met Israël werkt. Het aanspraak maken op een optreden als “vervanger van Israël” is in dit verband heel vreemd.

Van Wie zou men getuige zijn na de opstanding van de Here Jezus?

Vanaf de opstanding van de Here Jezus Christus is in Gods Plan voorzien in getuigen van de Here Jezus Christus. In het Nieuwe Testament is er géén andere naam gegeven, leert de apostel Petrus in Handelingen 4 : 12. Hij is het uitgedrukte beeld van God Zelf, leert de apostel Paulus in Hebreeën 1. Hij is dus God Zelf, maar dat willen de JG niet weten. Dat ontkennen zij in alle toonaarden en daarvoor passen zij zelf hun eigen bijbelvertaling aan. Zij maken biologie van het Wezen Gods en kennen de betekenis van Bijbelse begrippen als Vader en Zoon niet.

Als zij werkelijk Gods Woord zouden willen bekendmaken of daarvan getuigen, dan zouden JG zich “Getuigen van de Here Jezus Christus” moeten noemen. Dit is in overeenstemming met de Schrift, zoals o.a. blijkt uit Johannes 5 : 39:

Onderzoekt de Schriften; want gij meent in dezelve het eeuwige leven te hebben; en die zijn het, die van Mij getuigen.

Teksten in het Nieuwe Testament

Teksten met het woord “getuige” in het Nieuwe Testament. Er zijn 13 verzen waar dit woord in voor komt.

Teksten met het woord “getuigen” in het Nieuwe Testament. Er zijn 47 verzen waar dit woord in voor komt.

Teksten met het woord “getuigenis” in het Nieuwe Testament. Er zijn 78 verzen waar dit woord in voor komt.

Jezus zegt tegen Zijn discipelen: En gij zult ook getuigen, want gij zijt van den beginne met Mij geweest. (Johannes 15 : 27) Zij hadden Hem gezien, meegemaakt en geloofd en daarvan zouden zij getuigen. Vlak voor Zijn Hemelvaart sprak de Here Jezus Christus:

Maar gij zult ontvangen de kracht des Heiligen Geestes, Die over u komen zal; en gij zult Mijn getuigen zijn, zo te Jeruzalem, als in geheel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste der aarde.

Dat hebben zij ook ruimschoots gedaan. Zij getuigden niet van alleen de Naam Jehovah. Zij getuigden van de Here Jezus Christus, waarvan de Naam Jehovah (Here; Kurios in het Grieks) een onderdeel is. Zij getuigden dat de Here Jezus Christus de vervulling van oudtestamentische beloften is. Dat Hij is geopenbaard. Zo gaat dat het hele Nieuwe Testament door. De woorden uit Handelingen 1 : 8 zijn nooit veranderd in: “Gij zult getuigen van Jehovah zijn”. Het getuigen vanaf de opstanding van de Here Jezus Christus gaat altijd en alleen over Hem.

Want het Leven is geopenbaard, en wij hebben het gezien, en wij getuigen, en verkondigen ulieden dat eeuwige Leven, Hetwelk bij den Vader was, en ons is geopenbaard. (1 Johannes 1 : 2)

Het gaat alleen over de Here Jezus Christus

Het gaat alleen maar over Christus. Heel duidelijk is Openbaring, dat in de Statenvertaling begint met “De openbaring van Jezus Christus“, maar waar in de Nieuwe Wereldvertaling (NWT), de aangepaste vertaling van de Jehovah’s Getuigen, staat: “Een openbaring door Jezus Christus“. Dat ene woordje veranderen is van wezenlijk belang. Waar het in de Statenvertaling gaat over de openbaring, het aan het volledige licht brengen van Jezus Christus, Wie Hij was, is en zijn zal (de Alfa en Omega), is Jezus Christus in de NWT niet meer dan een boodschapper, die de openbaring verzorgt. Vers 1 t/m 5 zegt:

De openbaring van Jezus Christus, die God hem gegeven heeft, om Zijn dienstknechten te tonen de dingen, die haast geschieden moeten; en die Hij door Zijn engel gezonden, en Zijn dienstknecht Johannes te kennen gegeven heeft;
Dewelke het woord Gods betuigd heeft, en de getuigenis van Jezus Christus, en al wat hij gezien heeft.
Zalig is hij, die leest, en zijn zij, die horen de woorden dezer profetie, en die bewaren, hetgeen in dezelve geschreven is; want de tijd is nabij.

Johannes aan de zeven Gemeenten, die in Azie zijn: genade zij u en vrede van Hem, Die is, en Die was, en Die komen zal; en van de zeven geesten, die voor Zijn troon zijn;
En van Jezus Christus, Die de getrouwe Getuige is, de Eerstgeborene uit de doden, en de Overste der koningen der aarde. Hem, Die ons heeft liefgehad, en ons van onze zonden gewassen heeft in Zijn bloed.
En Die ons gemaakt heeft tot koningen en priesters Gode en Zijn Vader; Hem, zeg ik, zij de heerlijkheid en de kracht in alle eeuwigheid. Amen.

Conclusie

Het letterlijke volk Israël was in het verleden aangesteld als “getuige van Jehovah” en zal in de toekomst “getuige van de Here Jezus Christus” zijn.

De organisatie van Jehovah’s Getuigen is nooit door God aangesteld als vervanger van het letterlijke Israël. Dus ook niet in het “getuigen zijn van”.

In de tijd vanaf de opstanding van de Here Jezus Christus, wordt er getuigd van Hem alleen. Te beginnen door degenen die Hem ook gezien, gehoord en meegemaakt hebben. Dat zijn de letterlijke getuigen. Zij hebben recht van spreken. Hun getuigenis is opgeschreven in de Schrift, opdat wij dat zouden geloven en daaruit zouden leren.

Als het WTG het al zo nodig vindt om ergens van te getuigen, dan zouden zij dat in deze tijd moeten doen van de Here Jezus Christus. Zij zouden dan Zijn boodschap, Zijn positie als Verlosser, Heiland en God Zelf, de Erfgenaam van Jehovah (o.a. Hebreeën 1) dienen te verkondigen.

Dat zal helaas niet gaan gebeuren, want bij de Jehovah’s Getuigen is de Christus níet God Zelf. Het getuigenis van de JG over Jehovah en Jezus is vals en kan niet anders dan krachtig verworpen worden.

Laat u alstublieft niet misleiden met de gedachte dat de Jehovah’s Getuigen werkelijk getuigen van de Ware God zijn.

Zij zijn géén getuigen van Jehova en evenmin van de Here Jezus Christus. Zij zij louter de boodschappers van het wachttorengenootschap.

Getuige

15 reacties

  1. Janjoris de ruiter 14/10/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 14/10/2016
  2. Jan Albertus 25/11/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 25/11/2016
  3. Jan Albertus 19/12/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 19/12/2016
  4. Jan Albertus 19/12/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 19/12/2016
  5. Jan Albertus 21/12/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 21/12/2016
  6. Jan Albertus 22/12/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 22/12/2016
  7. Jan Albertus 22/12/2016
    • Wachttorenkijker Wachttorenkijker 22/12/2016
  8. Jim Coert 06/05/2017

Voeg uw reactie toe

Translate »